HeMa-lezen (2) – een voorbeeld

Zeven broers. De eerste trouwt een vrouw, maar sterft voordat hij bij die vrouw een kind had verwekt. In het oude Israël was zijn broer verplicht de vrouw tot zijn vrouw te nemen en een kind op naam van de gestorven broer te verwekken. Leviraatshuwelijk heet dat. Het heeft te maken met erfrecht. Maar ook de tweede broer sterft te vroeg en dan komt de derde …. en de vierde …. tot en met de zevende. Ze sterven allemaal en de vrouw blijft alleen achter.
Het is een stukje uit de bijbel en ik zou er die zondagmorgen over spreken. Ik zei tegen mijn vrouw: “De broers zullen onderling wel hebben gedacht dat de vrouw behekst was. Zo’n vrouw wil je toch niet! Het is een zwarte weduwe.” Ik heb in de dienst dankbaar gebruik gemaakt van haar opmerking: “Je zult die vrouw maar zijn ….”
Ik was met stomheid geslagen! Hoe was het in de wereld mogelijk, dat ik dat in mijn voorbereiding niet zelf had bedacht! Maar ook: Hoe was het in de wereld mogelijk, dat ik in mijn voorbereiding niet op dat idee was gebracht! En opeens zag ik weer een stukje van de bril, die ik op heb als ik de bijbel lees. Ik ben een man en hetero. En voor zover ik kan zien zijn de boeken, die ik in de voorbereiding gebruikte, ook allemaal geschreven door hetero-mannen.